Namasté

clouds-4907646_1920_edited.jpg

Namasté is een Hindoestaanse groet die vooral in India gebruikt wordt - maar ook in andere landen in Azië. Het is een uiting van respect voor de ander en de betekenis is 'het Licht in mij groet het Licht in jou'.

 

De handen worden tegen elkaar geduwd met de handpalmen tegen elkaar, de vingers naar boven, iets naar het hoofd gebogen. Hierbij wordt vaak een lichte buiging gemaakt. Bij het gebaar wordt vaak 'namasté' gezegd, maar kan ook zonder woorden worden gedaan.

 

Het woord namasté komt uit het Sanskriet: 'nam' betekent buigen. De Hindoes groeten ook hun goden op deze wijze en ze zijn van mening dat de goden onderling elkaar ook op deze wijze groeten.

In het tantrisch boeddhisme staat de linkerhand symbool voor de maan en de rechterhand voor de zon. Daarbij is de linkerhand de gevende en de rechterhand de ontvangende hand. Elke vinger vertegenwoordigt een van de vijf elementen:

  • de duim: de leegte

  • de wijsvinger: de lucht

  • de middelvinger: het vuur

  • de ringvinger: het water

  • de pink: de aarde

 

De vingertoppen staan ook symbool voor bepaalde dingen:

  • de duimtop staat voor inzicht

  • de wijsvingertop staat voor activiteit

  • de middelvingertop staat voor waarneming

  • de ringvingertop staat voor ontvankelijkheid

  • de pinktop staat voor de vorm

 

Een andere gedachte is dat de rechterhand voor de hogere natuur staat en de linkerhand voor de lagere natuur; het wereldlijke. Soms wordt met de vingers ook het 'derde oog' aangeraakt, wat een diepgaander uiting van respect en verering is.